In de kantlijn spreken
Een goed gesprek is als een wandeling. Niet lineair, niet zonder omwegen, soms cirkelend, soms schurend. Onze wandeling met woordkunstenaar, auteur en theatermaker Hind Eljadid beweegt zich tussen podium en publiek, tussen zorg en woede, tussen stilte en spreken. Wat begint bij een persoonlijke herinnering, mondt uit in een scherp maatschappelijk betoog over taal, macht en verantwoordelijkheid. Niet als doctrine, maar als uitnodiging. We ontmoeten elkaar in een Mechelse Thai. Ze houdt van pikant.
Hind Eljadid over taal, verantwoordelijkheid en de moed om niet te zwijgen
Een goed gesprek is als een wandeling. Niet lineair, niet zonder omwegen, soms cirkelend, soms schurend. Onze wandeling met woordkunstenaar, auteur en theatermaker Hind Eljadid beweegt zich tussen podium en publiek, tussen zorg en woede, tussen stilte en spreken. Wat begint bij een persoonlijke herinnering, mondt uit in een scherp maatschappelijk betoog over taal, macht en verantwoordelijkheid. Niet als doctrine, maar als uitnodiging. We ontmoeten elkaar in een Mechelse Thai. Ze houdt van pikant.
HET MOMENT WAAROP JE IEMAND RAAKT
Wanneer besefte je dat jouw stem meer kon zijn dan een persoonlijke uitlaatklep? Dat ze ook een publieke stem werd of zelfs moest worden?
Daar hoef ik niet lang over na te denken: het was geen groots moment, geen expliciete beslissing. Het was een traan. De eerste keer dat iemand huilde na een optreden van mij, was mijn moeder. Als kind stond ik op het podium, soms alleen, soms gedragen door een leerkracht die mij ruimte gaf.
Pas achteraf begreep ik wat daar gebeurde: iemand werd geraakt. Niet overtuigd, niet ‘meegenomen’, maar geraakt. Dat moment, wanneer iemand na een performance dichterbij komt, met een verhaal, een knuffel, een traan, dat is voor mij altijd essentieel. Het podium is voor mij vrijheid, maar ook blootstelling. En precies daar begint de spanning die mijn werk vandaag betekenis geeft.
VRIJHEID IS NOOIT VRIJBLIJVEND
Vrijheid van spreken wordt in vrijzinnig-humanistische tradities vaak gekoesterd als een absoluut goed. Maar vrijheid is voor jou nooit vrijblijvend. Naarmate je werk explicieter maatschappelijke thema’s raakt (feminisme, racisme, Palestina-Israël, zorg …) groeit ook de zwaarte die ermee gepaard gaat. Is dat voor jou een strijd?
Ja, je presenteert eerst vooral jezelf en plots representeer je onbedoeld een hele gemeenschap. Die verschuiving brengt verantwoordelijkheid mee. Niet alleen om te spreken, maar om zorgvuldig te spreken. Tegelijk botst dat met een publieke ruimte die steeds vluchtiger wordt, waar nuance moeilijk past en luisteren zeldzaam is.
Vrijzinnig humanisme vertrekt vanuit het autonome subject, maar autonomie veronderstelt ook tijd, aandacht en bereidheid tot begrijpen. Zonder die voorwaarden verschraalt onze vrijheid tot slogan. Je moet je afvragen: wie krijgt een stem?
Formele gelijkheid volstaat niet wanneer de toegang tot taal ongelijk verdeeld blijft. Taal is macht
Het gesprek verschuift dan van taal naar macht. Wie krijgt spreektijd? Wie bepaalt het discours? En wie blijft structureel onhoorbaar? Als ik het even scherp zet: media beïnvloeden de publieke opinie en binnen die media keren steeds dezelfde stemmen terug. Dat is geen mening, geen emotie, maar een feit.
Intersectionaliteit (het behoren tot meerdere minderheidsgroepen tegelijk, nvda.) wordt vaak theoretisch besproken, maar heeft zeer concrete gevolgen. Witte mannen domineren nog steeds het debat. Daarna volgen witte vrouwen en hoe verder iemand afwijkt van die norm, hoe kleiner het platform. Voor een vrijzinnig project dat pluraliteit ernstig neemt, is dit een ongemakkelijke, maar noodzakelijke vaststelling: formele gelijkheid volstaat niet wanneer de toegang tot taalongelijk verdeeld blijft. Taal is macht.
KUNST ALS OEFENRUIMTE VOOR DIALOOG
Hoe ga je daar als kunstenaar mee om, zonder te vervallen in morele superioriteit of in dovemansgesprekken?
Ik geloof niet in het louter overtuigen van ‘de ander’. Ik geloof meer in ontmoeting. In kunst als ruimte waar identiteit even opzij kan schuiven en gedeelde emoties zichtbaar worden.
Kunst ‘werkt’ precies omdat ze niet reduceert tot standpunten, maar appelleert aan ervaring
Boosheid, verdriet, liefde, schaamte… daarin herkennen mensen elkaar. Daar ontstaat verbinding die verbindt met ideologie. Kunst ‘werkt’ precies omdat ze niet reduceert tot standpunten, maar appelleert aan ervaring. Die loslating is voor mij essentieel. Kunst wordt pas politiek relevant wanneer ze zich onttrekt aan algemene controle, ook die van mezelf.
Toch gaat het vaak mis in het publieke debat, moeten we dan gewoon meer spreken, meer ontmoetingen realiseren?
Er wordt niet te weinig gesproken, maar vaak in te kleine kringen. Gesprekken over groepen zonder betrokkenen aan tafel missen hun doel en versterken bestaande machtsverhoudingen. Gesprekken over ‘de’ moslims zonder enige moslim aan tafel. Over vrouwen zonder vrouwen. Over kwetsbare groepen zonder betrokkenen. Het gevolg is een debat dat zichzelf bevestigt en entertainment verkiest boven begrip.
Die gesprekken ‘over’ anderen komen soms voort uit de vrees om van mening te verschillen. Polariseren is niet altijd per definitie fout. Voor vrijzinnig humanisme, dat inzet op kritisch denken én menselijke waardigheid, lijkt dit mij een fundamentele uitdaging: hoe zorg je ervoor dat het gesprek geen machtsoefening wordt?
POLARISERING EN DE ETHIEK VAN NIET-ZWIJGEN
Wanneer je je publiek uitspreekt, bijvoorbeeld over Palestina, klinkt al snel het verwijt van polarisering. Maar jij verwerpt dat frame?
Kijk, feiten benoemen is niet noodzakelijk een foute polarisering. Zwijgen kan soms ethisch problematischer zijn dan spreken. Ook de kunst mag schuren en ontregelen, zolang ze mensen maar doet voelen. Kunst en taal hebben zo niet alleen een verbindende, maar ook een ontregelende functie.
Niet om te choqueren om het choqueren, maar om bewustwording af te dwingen. Vrijheid van meningsuiting verliest haar betekenis wanneer ze uitsluitend comfortabel blijft.
ACTIVISME IS GEEN SOLO
Activisme wordt vaak voorgesteld als luid, confronterend, zichtbaar, gelieerd aan geweld … Recente regeringsbesluiten suggereren dat het bewegingswerk best niet te kritisch is en actief afstand moet doen van geweld?
Zeker, activisme is gelaagd en collectief. Soms luid, soms stil. Soms een microfoon, soms een tas thee. Al die vormen zijn nodig. Ook over geweld moet je met nuance spreken. Als geweld alleen wordt gedefinieerd als zichtbare ontregeling, het vernielen van voorwerpen, en niet als structurele maatschappelijke schade, dan is die definitie politiek gekleurd.
Kritiek zonder zorg is leeg. Zorg zonder kritiek is tandeloos
Wat vandaag politiek als geweld wordt bestempeld in sociaal-cultureel werk (protest, verstoring, scherpe taal, graffiti, bezetting, artistieke confrontatie …) staat in schril contrast met wat zelden zo genoemd wordt zoals structurele armoede, racisme, het samenleven, wapenexport, oorlog, klimaatschade aan ons leefmilieu … Dat is geen semantische discussie, maar een ethische.
Straatwerkers, sociaal-culturele werkers, beleidsmensen, vrijwilligers: ze vormen samen een ecosysteem. Kritiek zonder zorg is leeg. Zorg zonder kritiek is tandeloos. Het één kan niet zonder het ander. Dat perspectief sluit nauw aan bij een vrijzinnig humanistische traditie waarin engagement niet heroïsch, maar relationeel is.
ZUSSEN, ZORG EN CREATIE
Hoewel jij en je zus (Zahra Eljadid) van elkaar verschillen zie ik vooral een liefdevolle interactie. Ik herinner mij de warmte waarmee ze sprak op jouw prijsuitreiking van de Liga. Dat raakt jou?
Ja, nu wordt het intiem (zacht giechel). Onze creativiteit is geen toeval, maar een oefening in zorg, vertrouwen en wederzijdse kritiek. Ik werk met mijn zus aan een nieuw boek bij uitgeverij Epo In de kantlijn. Het komt uit in september. De titel verwijst naar wat in de marge staat. Dat blijkt vaak essentieel. De kantlijn, de voetnoot, de context is geen bijzaak maar het eigenlijke hoofdverhaal. Mijn zus blijft als illustratrice groeien. Ik kijk met verbazing naar de beelden die ze maakt en ik word geprikkeld. Onze samenwerking is geen praktische keuze, maar een manier van in de wereld staan: relationeel, kritisch en zorgzaam tegelijk.
De kantlijn, de voetnoot, de context is geen bijzaak maar het eigenlijke hoofdverhaal
In een cultuur die autonomie vaak verwart met zelfredzaamheid, herinner ik mensen er graag aan dat vrijheid zelden een soloproject is. Met mijn zus deel ik niet alleen een artistieke praktijk, maar ook een moreel kompas. We dagen elkaar uit, we wijzen elkaar op details die anderen laten passeren, en weigeren tevreden te zijn met het oppervlakkig goede. Mijn zorg, in deze context, is geen zachtheid zonder scherpte. Het is de bereidheid om kritisch te zijn precies omdat de relatie ertoe doet. Dat maakt onze samenwerking intens, soms lastig, maar ook uitzonderlijk vruchtbaar.
Ik ga niet te veel verklappen, maar het boek vertelt het verhaal van een meisje zonder naam. Een bewuste keuze. Door haar te onttrekken aan identificerende labels, wordt ze geen uitzondering, maar een mogelijkheid: een lichaam waarin structurele ongelijkheid, misbruik en machtsverhoudingen samenkomen. Niet om haar te reduceren tot slachtoffer, maar om zichtbaar te maken wat er gebeurt wanneer groei wordt ingeperkt. De illustraties en de tekst dragen elkaar wederzijds. Niet als versiering, maar als dialoog. Woord en beeld corrigeren en versterken elkaar, zoals wij als zussen dat zelf doen. Het resultaat is geen eenduidige boodschap, maar een ruimte waarin we willen dat de lezer moet blijven kijken, lezen en voelen.
KRACHT VINDEN
Wat blijft er voor jou over na dit gesprek?
Ik hoop dat de lezers geen eenduidige conclusie meenemen, maar wel een houding helpen zoeken. Kracht is immers geen heroïsche eigenschap, maar
iets dat gevonden wordt, soms pas wanneer alles, al onze overtuigingen, onze zekerheden, wat we hebben en geven, wankelt. Maar kracht is er altijd, we moeten haar alleen leren zien.
Humanisme gaat voor mij niet alleen over grote antwoorden, maar over de moed om te blijven vragen
Humanisme gaat voor mij niet alleen over grote antwoorden, maar over de moed om te blijven vragen. Over spreken wanneer zwijgen comfortabeler is. Over luisteren, ook wanneer het schuurt. Misschien is dat wat ons gesprek uiteindelijk doet: niet overtuigen, maar openen. Een wandeling aanbieden. En uitnodigen om mee te stappen en weet je, straks stopt het met regenen … dus, act now!
Frederik Dezutter
Foto’s Hind: © Michiel Hendrickx
Wil je de papieren versie van De Geus thuis ontvangen? Klik hier voor meer informatie.
Frederik Dezutter
Misschien bent u ook geïnteresseerd in…
50 jaar VUB. Een gesprek met rector Caroline Pauwels.
April 2019 | 15 minuten2019 staat in het teken van een dubbel jubileum: 50 jaar VUB en 185 jaar ULB. 50 jaar VUB en 185 jaar ULB. Redenen genoeg dus om een bezoek te brengen aan rector Caroline Pauwels. We worden ontvangen in het rectoraatsgebouw, een ontwerp van architect Renaat Braem en bij de studenten beter bekend onder de geuzennaam de ‘sigaar’. De symboliek van het gebouw belichaamt de vrijzinnig-humanistische waarden van de VUB: een open en tolerante levensbeschouwing met het vrij onderzoek als basis.
Jean-Jacques Amy: Voorvechter van abortus
April 2020 | 15 minutenTot 1990 was abortus strafbaar in België. Aan de gedeeltelijke depenalisering ervan, met de wet Lallemand-Herman-Michielsens, ging een lange en moeizame strijd vooraf. Jean-Jacques Amy, emeritus-hoogleraar gynaecologie aan de VUB en notoir vrijzinnige, was een van de belangrijke artsen in die strijd. Aan rebelsheid en humanitaire bewogenheid heeft hij nog altijd niets ingeboet, zo blijkt uit zijn boek ‘Anoniem’ is een vrouw'.
Waarom mensen niet zo goedgelovig zijn als we denken
Januari 2021 | 12 minutenMensen zijn ontzettend irrationele en goedgelovige wezens. We worden langs alle kanten beïnvloed en om de tuin geleid: door politici, demagogen, reclamemakers en influencers. We trappen met open ogen in fake news en de gekste complottheorieën, eindeloos versterkt door de echokamers van de sociale media. Niet zo, volgens Hugo Mercier.